Stap voor stap naar een gezonde bodem

Een gezonde bodem, met een rijk en gevarieerd bodemleven, is de basis van een duurzaam bodem- en watersysteem. Met die overtuiging werken agrarisch ondernemers, kennisinstellingen en Waterschap Vallei en Veluwe samen binnen de Regio Deal Foodvalley. Via pilots op boerenbedrijven, bodemcursussen en leertafels werken ze aan kennis en bewustzijn van een gezonde bodem als kapitaal voor de toekomst. “Samen leren, op basis van vertrouwen, is de enige manier om verder te komen.”

Werken aan een gezonde bodem vraagt om een omslag in denken en doen, legt programmamanager Adriaan Smeenk, van Waterschap Vallei en Veluwe, uit. “Het bodem- en watersysteem is de afgelopen decennia optimaal benut voor wonen en landbouw. Maakbaarheid stond centraal, er is onvoldoende nagedacht over de gevolgen. We hebben te veel van het bodem- en watersysteem gevraagd. Zowel voor landbouw, als voor woningbouw.” De huidige manier van omgaan met bodem- en waterbeheer voldoet niet meer, zegt Smeenk. “De bodem moet ook om kunnen gaan met klimaatverandering, met piekbuien en droogte. Een gezonde bodem kan regenwater opnemen als een spons en vervolgens meer gedoseerd afgeven aan de watergangen. Daarmee wordt ook voorkomen dat voedingsstoffen meteen uitspoelen naar het grond- en oppervlaktewater.”

Praktijk centraal
Hoe kom je tot een gezonde bodem? “Een goed bodemleven helpt om die sponswerking te vergroten”, zegt Smeenk. “Maar als waterschap gaan wij niet over de bodem, die wordt onder meer door agrariërs beheerd. We willen daarom samen met hen tot een gezonde bodem komen.” Dankzij de Regio Deal is die verbinding goed van de grond gekomen. In de Proeftuin Boer aan het Roer, onderdeel van de Regio Deal Foodvalley, werken agrarisch ondernemers, overheden en wetenschappers samen aan een betere bodemkwaliteit. De praktijk staat daarin centraal. Zo wordt onder meer ervaring opgedaan met verschillende bodembeheerconcepten.

Melkveehouder Art Wolleswinkel is een van de deelnemers en vertelt op zijn bedrijf in Renswoude wat de effecten zijn van een goed bodembeheer. “Een gezonde bodem produceert gezond voedsel, kan als spons water en voedingsstoffen vasthouden en heeft een grote biodiversiteit”, zegt Wolleswinkel. Alles hangt met elkaar samen, laat hij zien. Het doorzaaien van het grasland met kruiden, zoals klaver en smalle weegbree, zorgt voor een goede doorworteling. Goede mest en minimale grondbewerking stimuleren het bodemleven. “Zo kun je water tot in de haarvaten van het watersysteem langer vasthouden, dat is goed voor het aanvullen van de grondwaterstand, maar houdt het land voor agrariërs ook beter begaanbaar”, legt de melkveehouder uit. “En meer vers, kruidenrijk gras in het rantsoen maakt dat koeien minder krachtvoer nodig hebben, waardoor de kwaliteit van de mest verbetert en er minder stikstof wordt uitgestoten.” Om het bodemleven verder te stimuleren, voegt hij steenmeel en effectieve micro-organismen toe aan de mest.

Zoektocht
Wolleswinkel streeft ernaar om uiteindelijk zonder kunstmest een hogere en gezondere gewasopbrengst te hebben. “Het blijft een zoektocht om dat voor elkaar te krijgen”, benadrukt hij. “Je kunt het bodemleven op allerlei manieren stimuleren, maar niet ineens veranderen. Dat kan alleen geleidelijk.” Stap voor stap en met vallen en opstaan, omschrijft Wolleswinkel het proces. “Neem je een te grote stap, dan heb je minder opbrengst en voel je dat in je portemonnee. Je ziet dat grond van boeren die hier al langer mee bezig zijn, van zichzelf al meer oplevert. Uiteindelijk bereik je met minder input en minder kosten een hogere opbrengst.”

Al heeft werken aan een gezonde bodem een lange adem nodig, de bewustwording is mede dankzij de Regio Deal enorm toegenomen. “Het belang van goed bodembeheer heeft nog nooit zo hoog op de agenda gestaan”, zegt Smeenk. “Een steeds grotere groep is echt geïnteresseerd in een gezonde bodem. Je ziet dat bodembeheer onderdeel wordt van de algemene bedrijfsvoering.” Agrariërs zijn zich al langer heel bewust van de bodem als belangrijk kapitaal, weet Smeenk. Bij het waterschap, dat zich van oudsher vooral met waterafvoer bezighoudt, is de bewustwording van een gezonde bodem de laatste tien jaar sterk gegroeid. “Samenwerken doen we al heel lang”, zegt hij. “We zijn dan ook een organisatie met een lange historie middenin de samenleving.”

Elkaar versterken
De Regio Deal heeft de samenwerking een grote stap verder gebracht, ervaart Smeenk. “Het heeft ons echt geholpen om vanuit gelijkwaardigheid in contact te komen met andere partijen.” Hij benadrukt dat het gemeenschappelijk belang in de samenwerking centraal staat. “We vinden allemaal dat een gezonde bodem belangrijk is. Als je de focus daarop legt, gaat samenwerken heel goed”, merkt Smeenk. Overheden, agrariërs en kennisinstellingen zoals het Louis Bolk Instituut weten elkaar goed te vinden. “Het gaat erom hoe we elkaar kunnen versterken. Vanuit kennis en kunde én vanuit de praktijk en ervaringen met de bodem.”

Zo ziet Wolleswinkel het ook: “Niemand heeft de wijsheid in pacht over wat wel en wat niet werkt. Samen leren is de enige manier om verder te komen.” Veel landelijk beleid komt volgens de melkveehouder voort uit wantrouwen. “Met vertrouwen kun je veel meer bereiken. Dat is precies de kracht van de Regio Deal.” De doelen moeten voorop staan, benadrukt Wolleswinkel. “Wetgeving trekt ons nu verder van de doelstellingen af, dat is heel frustrerend. Er zou meer experimenteerruimte binnen de wetgeving moeten zijn”, stelt hij. “De landelijke overheid zou óók mee moeten leren.” De Regio Deal werkt volgens Wolleswinkel goed, omdat boeren zelf mede aan het roer staan. “Er wordt wat gedaan met de ideeën die ze inbrengen”, onderstreept hij. “De resultaten uit de pilots maken boeren enthousiast. Deze samenwerking, van samen leren, op basis van vertrouwen en stap voor stap, moeten we vasthouden. Dat is essentieel.”

Blijf op de hoogte

Asset 7 Meer nieuwsberichten